Hoe reageren kinderen?

Emoties

Eigenlijk reageren kinderen net als volwassenen. Ze zijn verdrietig, bang of boos, lopen rond met schuldgevoelens, voelen zich ongelukkig en in de steek gelaten of doen heel stoer net alsof er niets aan de hand is. Inzicht in de verschillende reacties kan u helpen bij het ondersteunen van de kinderen.

Verdriet

Soms lijkt het alsof kinderen nauwelijks verdrietig zijn. Ze gaan naar school, werken en spelen alsof er niets aan de hand is. Kinderen kunnen niet uren achtereen met verdriet bezig zijn. Ze hebben afleiding nodig. Dat wil echter niet zeggen dat het verdriet er niet is!

Netteke:
"Voor een buitenstaander was het moeilijk te zien, maar als je goed keek, zag je wel degelijk dat er iets aan de hand was. Ze functioneerde gewoon anders. Ze bleef vaak nog wat dralen na de lessen. Dan wilde ze iets zeggen, maar wist waarschijnlijk niet hoe of wat. Toen ik haar een keer apart nam en vroeg of ze soms iets over thuis wilde vertellen, kwam het hele verhaal eruit. Ze heeft wel een uur zitten praten."

Angst

Veel kinderen zijn bang. Bang voor de ziekenhuisomgeving, voor uiterlijke veranderingen, voor het dreigend verlies van de zieke ouder, voor het verlies van de gezonde ouder of om zelf dood te gaan.

Nina:
"Op school zei iemand dat als mijn moeder ook dood zou gaan, dat ik dan naar een kindertehuis moest. Daar schrok ik wel van."

Schuldgevoelens

Ook kinderen zoeken naar oorzaken. Er zijn kinderen die zichzelf de schuld geven van het feit dat hun vader of moeder kanker heeft. Ze denken dat ze iets gezegd, gedaan, of gedacht hebben wat de kanker heeft veroorzaakt.

Hans:
"Mijn moeder struikelde over mijn skateboard. Ze zat onder de blauwe plekken. Een week later bleek dat ze kanker had. Ik kon het mezelf niet vergeven. Ik dacht dat het mijn schuld was dat ze ziek geworden was."

Het kan ook zijn dat ze het idee hebben dat ze niet goed genoeg hun best doen.

Sheryl:
"Mijn moeder werd steeds zieker en ik kon er niets tegen doen. Het enige dat ik kon bedenken was heel hard mijn best doen op school. Na haar dood heb ik me heel lang afgevraagd of ik niet nóg harder had moeten werken."

Boos

Sommige kinderen zijn gewoon boos. Boos omdat de hele wereld veranderd is, omdat thuis thuis niet meer is, omdat het hun vader of moeder is die zo ziek is.

Onverschilligheid

Eigenlijk gaat het om pseudo-onverschilligheid, want kinderen zijn niet onverschillig, maar willen en kunnen hun verdriet vaak niet tonen. Ze willen het liefst 'gewoon' zijn.

Daniël:
"Op school zeiden ze wel eens tegen me dat ik me meer moest laten zien. Maar hoe dan? Moet ik soms gaan lopen janken omdat mijn vader zo ziek is? Ja mooi niet. Die pijn zit van binnen. Daar snapt een ander toch niets van."

Buikpijn

Kinderen die een vader of moeder met kanker hebben, hebben vaak lichamelijke klachten. Soms is de oorzaak eenvoudig te achterhalen. Misschien zijn ze oververmoeid of eten ze onregelmatig of slecht. Een andere oorzaak is de psychische druk die kanker met zich meebrengt en waarvoor kinderen soms een heel eigen uitdrukking hebben: "Ik heb tranen in mijn buik", is een veelgehoorde opmerking.

Gedrag

Enkele voorbeelden van gedrag dat u ook op school kunt waarnemen:

  • de kinderen trekken zich terug
  • vertonen hulpeloos gedrag
  • vragen voortdurend extra aandacht
  • doen het juist extra goed op school
  • zijn overactief, nors of agressief
  • hebben problemen op het sociale vlak
  • hebben geheugen- en concentratieproblemen

Negatief gedrag

Aanhoudend negatief gedrag is een noodkreet om hulp. Maar let ook op de kinderen die zo heel stil en rustig worden. Begrip en aandacht, een arm om hen heen, een ondersteunend gesprek, dit alles kan veel kinderen helpen. Dreigt het echt mis te gaan, dan is professionele hulp noodzakelijk.

Uitspraken van kinderen

  • Ik was zo blij dat juf eindelijk eens vroeg hoe het met mijn vader was
  • Op school praat ik er niet over hoor, niet iedereen hoeft het te weten
  • Ik had het aan de mentor doorgegeven, maar tijdens de rapportbespreking bleek niemand er iets vanaf te weten
  • Kankerlijer, kankerjood, kankerhoer, ik krijg steeds meer de neiging om te gaan slaan
  • De meester vond het geloof ik een beetje zielig, maar ik vond het wel fijn. Toen het boek uit was hebben we er met de klas over gepraat
  • Ik wil er eigenlijk wel een spreekbeurt over houden of een werkstuk over maken
  • Ik schrok me dood toen de biologieleraar opeens over kanker begon
  • Mijn wiskundelerares reageerde heel raar toen ik het vertelde. Het leek wel of ze het niet wilde horen. Ze begon meteen ergens anders over
  • Wat heeft het voor zin om huiswerk te maken? Mijn moeder gaat toch dood!
  • Soms heb ik het gevoel dat ik de enige ben. Weet u niet iemand die hetzelfde heeft meegemaakt?