Wat is normaal?

Enkele voorbeelden van ‘normaal’ gedrag:

  • Ze trekken zich in hun schulp terug
  • Ze gedragen zich hulpeloos
  • Ze vragen voortdurend extra aandacht
  • Ze zijn extreem hulpvaardig en erg wijs
  • Ze doen een stap terug in hun ontwikkeling
  • Ze zijn overactief
  • Ze zijn nors of agressief
  • Ze hebben een kort lontje
  • Ze zijn superlief
  • Ze hebben problemen met hun huiswerk
    of doen het juist héél goed
  • Ze kunnen niet (in)slapen of hebben nachtmerries
  • Ze willen niet meer met vriend(inn)en spelen

Al deze gedragingen vallen onder de categorie 'normaal'. Het zijn normale reacties op een crisissituatie, maar daarom soms niet minder lastig. Wanneer hulp zoeken? Aanhoudend negatief gedrag is een noodkreet om hulp. Maar ook een kind dat gedurende langere tijd veel te lief is, zit vaak niet goed in z'n vel. Verder zijn aanhoudende lichamelijke klachten een punt van zorg, kinderen die niet meer naar school willen en kinderen die - voordat u ziek werd - al problemen hadden. Klop eens aan bij een goede kennis, een leerkracht, een lotgenoot, een verpleegkundige, de pastor, een kinder- of jeugdpsycholoog. Probeer u niet schuldig te voelen als uw kind een extra steuntje in de rug nodig heeft. Opvoeden is al moeilijk genoeg, laat staan als u ziek be

Tijdens uw ziekteperiode moeten uw kinderen misschien wat vaker bijspringen in het huishouden of de zorg. Daar is niks mis mee. Veel kinderen vinden het fijn om iets voor hun ouders te kunnen doen. Ook al zijn het taken die ze anders niet zo snel op zich zouden nemen. Maar soms nemen ze teveel zorg op zich of krijgen ze verantwoordelijkheden die ze niet aankunnen. Schakel hulp van buitenaf in.