Chemotherapie

Het kan zijn dat de dokter besluit om jouw vader of moeder chemotherapie te geven, ook wel chemo genoemd. Dat zijn medicijnen die kankercellen aanvallen. Ze heten cytostatica (spreek uit: sito staatika) en zorgen ervoor dat de kankercellen niet meer kunnen delen en kapot gaan. Het vervelende is dat die medicijnen ook gezonde cellen aanvallen. Cellen in de maag bijvoorbeeld, waardoor je vader of moeder misselijk wordt, of haarwortelcellen waardoor je vader of moeder kaal wordt. Gelukkig gaat de misselijkheid na een tijdje weer over en komt ook het haar weer terug. Wel blijven sommige vaders en moeders nog heel lang moe als ze chemotherapie hebben gehad. 

Chemotherapie kan in een infuus, in pillen of in een injectiespuit zitten. Meestal krijgt je vader of moeder de medicijnen in het ziekenhuis, soms zijn het pillen en kan het thuis.

Een infuus is een plastic zak die aan een paal hangt en met een dun slangetje en een naald in een van de aders van de arm zit. Meestal zit er aan de paal ook een kastje met een teller. Die geeft precies aan hoeveel druppels medicijn er per minuut door mogen.

Wil je meer over chemotherapie weten?   Vraag dan naar het boekje Chemo-Kasper. Het boekje gaat over een jongetje met kanker maar het is ook goed om te lezen als je vader of moeder kanker heeft. Als het ziekenhuis niet weet wie Chemo-Kasper is, kijk dan op www.vokk.nl